Nieuw in ons assortiment
Herbruikbare Klittenband Kabelbinders – 12 × 125 millimeter – 10 stuks – 5 kleuren
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 16 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 14 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 12 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 10 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 9 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 8 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 7 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 6 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 5 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelclips met Spijker voor 4 mm Kabel – Zwart – 100 stuks
Kies je optie
Kabelmanagement Clips met 1 Kabelsleuf – 5-delig – Zwart
Kies je optie
Handige tips in onze blogs
Zo kies je de juiste monitorarm voor je werkplek
Een monitorarm geeft je meer vrijheid bij het plaatsen van je beeldscherm. Je kunt de monitor hoger, lager, dichterbij of verder weg zetten en houdt tegelijkertijd meer ruimte over op je bureau. Dat is handig voor een thuiswerkplek, kantoor, gamingopstelling of bureau met twee schermen. Niet iedere monitorarm past echter bij iedere monitor. Je moet onder andere letten op de VESA-maat, het gewicht en de afmetingen van het beeldscherm. Daarnaast kun je kiezen tussen een bureaumodel, muurbeugel, vaste arm of verstelbare monitorarm met gasveer. In deze blog lees je welke uitvoering het beste bij jouw werkplek past. Wat is een monitorarm? Een monitorarm is een verstelbare beugel waarmee je een computerscherm aan een bureau of muur bevestigt. De standaard voet van de monitor is daardoor niet meer nodig. Het beeldscherm lijkt boven het bureau te zweven en kan, afhankelijk van het model, in verschillende richtingen worden versteld. Veel monitorarmen bieden mogelijkheden om het scherm: In hoogte te verstellen Naar voren en achteren te bewegen Naar links en rechts te draaien Omhoog en omlaag te kantelen Van landschap- naar portretstand te draaien Welke bewegingen mogelijk zijn, verschilt per uitvoering. Controleer daarom vooraf of de arm voldoende verstelbaar is voor de manier waarop jij het scherm wilt gebruiken. Waarom een monitorarm gebruiken? Met de originele monitorvoet kun je een beeldscherm vaak maar beperkt verstellen. Sommige voeten bieden alleen een kleine kantelhoek, terwijl de hoogte helemaal niet kan worden aangepast. Een monitorarm geeft meestal meer vrijheid. Een goed geplaatst scherm kan bovendien bijdragen aan een prettigere werkhouding. De bovenzijde van de monitor wordt doorgaans op of iets onder ooghoogte geplaatst. Het scherm staat ongeveer op armlengte afstand en recht voor je, zodat je jouw hoofd niet voortdurend hoeft te draaien of naar beneden hoeft te buigen. Daarnaast levert een monitorarm praktische voordelen op: Meer vrije ruimte onder het beeldscherm Een eenvoudiger schoon te maken bureau Meer flexibiliteit bij zitten en staan Een overzichtelijke opstelling met twee schermen Minder grote monitorvoeten op het werkblad De mogelijkheid om een scherm tijdelijk opzij te bewegen Controleer de VESA-maat van je monitor De meeste monitorarmen maken gebruik van een VESA-bevestiging. VESA beschrijft onder andere de afstand tussen de vier schroefgaten aan de achterkant van een beeldscherm. Veelgebruikte VESA-maten bij computermonitoren zijn: VESA 75 x 75 mm VESA 100 x 100 mm Bij VESA 100 x 100 mm staan de schroefgaten horizontaal en verticaal honderd millimeter uit elkaar. Controleer de handleiding of productspecificaties van je monitor om te zien welke maat wordt gebruikt. Je kunt de afstand tussen de schroefgaten eventueel ook zelf meten. De VESA-maat van de monitor en monitorarm moeten overeenkomen. Een arm die alleen geschikt is voor 75 x 75 en 100 x 100 mm kan niet zonder meer worden gebruikt bij een afwijkende bevestigingsmaat. Wat als je monitor geen VESA-aansluiting heeft? Niet iedere monitor heeft zichtbare schroefgaten aan de achterkant. Bij sommige modellen zitten de gaten achter de originele standaard of onder een afdekkapje. Raadpleeg daarom eerst de handleiding voordat je concludeert dat het scherm geen VESA-bevestiging heeft. Heeft de monitor werkelijk geen VESA-aansluiting, dan kan soms een speciale adapter worden gebruikt. Zo’n adapter klemt bijvoorbeeld rond de boven- en onderzijde van het scherm. Controleer zorgvuldig of de adapter geschikt is voor het exacte formaat, gewicht en ontwerp van jouw monitor. Een universele adapter kan knoppen, ventilatieopeningen of aansluitingen afdekken. Een monitor met een sterk gebogen, zeer dunne of onregelmatige behuizing is bovendien niet altijd geschikt voor zo’n oplossing. Let goed op het maximale draaggewicht Iedere monitorarm heeft een maximaal draagvermogen. Het gewicht van de monitor mag deze waarde niet overschrijden. Een te zwaar beeldscherm kan langzaam naar beneden zakken of de arm, bureaubevestiging en monitor beschadigen. Kijk bij het controleren van het gewicht naar de monitor zonder de originele voet. Die voet wordt bij montage aan een monitorarm namelijk verwijderd. Het gewicht zonder standaard staat meestal in de technische specificaties van de fabrikant. Kies liever niet precies op de grens. Een arm die maximaal negen kilogram mag dragen is bijvoorbeeld minder geschikt voor een monitor die eveneens bijna negen kilogram weegt. Met enige marge blijft de arm meestal beter verstelbaar en stabiel. Bij een dubbele monitorarm geldt het maximale draaggewicht doorgaans per arm of per scherm. Controleer dit altijd in de productomschrijving. De beeldschermmaat is niet het enige criterium Monitorarmen worden vaak aangeboden voor een bepaald bereik, bijvoorbeeld beeldschermen van 17 tot 32 inch. Dat is een handige eerste indicatie, maar het gewicht en de VESA-maat zijn belangrijker. Twee monitoren van 32 inch kunnen sterk van gewicht verschillen. Een dun kantoorscherm kan aanzienlijk lichter zijn dan een zware gamingmonitor met een gebogen paneel. Controleer daarom altijd alle drie de eigenschappen: De schermmaat in inch Het gewicht zonder monitorvoet De VESA-bevestigingsmaat Bij een ultrawide of gebogen monitor ligt het zwaartepunt bovendien verder naar voren. Kies hiervoor een arm die uitdrukkelijk geschikt is voor het formaat en gewicht van het scherm. Een monitorarm met gasveer Een monitorarm met gasveer maakt het mogelijk om het scherm relatief soepel te verplaatsen. De ingebouwde veer helpt het gewicht van de monitor te dragen. Je kunt het scherm daardoor vaak met één hand hoger, lager, naar voren of naar achteren bewegen. Een gasveerarm is vooral handig wanneer je de positie regelmatig aanpast. Denk aan een zit-stabureau, een scherm dat door meerdere personen wordt gebruikt of een monitor die je afwisselend voor werk en gaming gebruikt. Na montage moet de veerspanning meestal worden afgestemd op het gewicht van de monitor. Zakt het beeldscherm vanzelf naar beneden, dan is de spanning waarschijnlijk te laag. Beweegt het scherm juist omhoog, dan kan de spanning te hoog zijn. Volg bij het afstellen altijd de handleiding en draai alleen aan de daarvoor bedoelde stelschroef. Een vaste monitorarm zonder gasveer Een monitorarm zonder gasveer is doorgaans eenvoudiger uitgevoerd. De hoogte wordt bijvoorbeeld langs een verticale paal ingesteld en daarna vastgezet. Het scherm kan vaak nog wel worden gedraaid en gekanteld. Deze uitvoering is geschikt wanneer je de monitor één keer goed wilt plaatsen en daarna nauwelijks meer verplaatst. Een vaste arm is vaak voordeliger en kan voor een normale thuis- of kantoorwerkplek ruim voldoende zijn. Controleer vooraf hoe groot het verstelbereik is. Sommige eenvoudige armen kunnen minder ver naar voren of achteren bewegen dan een model met meerdere scharnierpunten. Monitorarm voor één of twee schermen Werk je met één beeldscherm, dan is een enkele monitorarm de logische keuze. Voor twee monitors kun je twee losse armen of één dubbele monitorarm gebruiken. Een dubbele monitorarm heeft meestal twee afzonderlijk verstelbare armen op één bureaubevestiging. Hiermee kun je de schermen naast elkaar plaatsen. Afhankelijk van het model kun je ze ook boven elkaar of in verschillende hoeken positioneren. Let bij twee schermen op: Het maximale gewicht per monitor De maximale beeldschermmaat De breedte van beide schermen samen Het bereik van de afzonderlijke armen De positie van de VESA-aansluitingen De sterkte en dikte van het bureaublad Gebruik je beide monitoren ongeveer evenveel, plaats ze dan dicht naast elkaar en met het midden van de opstelling recht voor je. Is één scherm het hoofdscherm, zet dat dan recht voor je en het tweede scherm iets opzij. Bureauklem of doorvoerbout? Veel bureaumonitorarmen worden met een stevige klem aan de achterzijde van het bureaublad bevestigd. Hiervoor hoef je meestal niet in het bureau te boren. De klem moet wel voldoende grip hebben en geschikt zijn voor de dikte van het werkblad. Sommige armen kunnen ook door een kabeldoorvoer of zelfgemaakt gat worden gemonteerd. Hierbij loopt een bout door het bureaublad. Deze bevestiging kan handig zijn wanneer er weinig ruimte achter het bureau is of wanneer de rand niet geschikt is voor een klem. Controleer vóór montage of het bureaublad stevig genoeg is. Een dun, hol of beschadigd blad kan onder de geconcentreerde druk van de klem vervormen. Gebruik de meegeleverde beschermplaatjes en draai de klem stevig vast, maar niet zo hard dat het bureaublad beschadigt. Een monitorarm voor aan de muur Een muurmonitorarm is geschikt wanneer je geen bevestiging aan het bureau wilt of kunt gebruiken. De arm wordt rechtstreeks aan de wand gemonteerd en houdt het volledige werkblad vrij. Controleer of de wand en het bevestigingsmateriaal het gezamenlijke gewicht van arm en monitor kunnen dragen. De juiste pluggen en schroeven hangen af van het wandmateriaal. Een stenen muur vraagt om een andere bevestiging dan een holle gipswand. Let ook op de positie van de arm. Na montage kun je het bevestigingspunt niet eenvoudig verschuiven. Meet daarom vooraf de gewenste kijkhoogte, afstand en maximale uitslag van de arm. Kabels netjes langs de monitorarm leiden Veel monitorarmen hebben kabelklemmen of kabelgoten. Hiermee kun je de voedingskabel en beeldkabel langs de arm voeren. Dat geeft een nettere opstelling en voorkomt dat losse kabels achter het bureau hangen. Laat wel voldoende speling bij de scharnierpunten. Een strak gespannen HDMI-, DisplayPort-, USB-C- of voedingskabel kan bij het bewegen van de arm uit de aansluiting worden getrokken. Controleer ook of de kabels lang genoeg zijn wanneer je het scherm volledig naar voren, omhoog of opzij beweegt. Kies zo nodig een langere monitorkabel en voorkom scherpe knikken. Zo stel je de monitor goed af Ga eerst in je normale werkhouding zitten. Zet de stoel, het bureau en toetsenbord goed voordat je de monitor afstelt. Plaats het scherm vervolgens recht voor je en ongeveer op armlengte afstand. Stel de hoogte zo in dat de bovenrand van het scherm ongeveer op of iets onder ooghoogte staat. Je blik valt dan vanzelf iets naar beneden richting het midden van het beeld. Kantel het scherm licht wanneer dit nodig is om reflecties te verminderen. Gebruik je een bril met meerdere sterktes, dan kan een iets lagere monitorpositie prettiger zijn. Het belangrijkste is dat je rechtop kunt kijken zonder je nek langdurig te buigen of naar achteren te kantelen. Welke monitorarm past bij jouw scherm? Controleer voor aankoop altijd de VESA-maat, het gewicht zonder standaard en de beeldschermmaat. Bepaal daarna of je één of twee schermen wilt monteren en of je de positie regelmatig wilt aanpassen. Een gasveerarm is prettig voor een flexibel verstelbare werkplek. Een eenvoudiger model zonder gasveer is geschikt wanneer de monitor voornamelijk op één vaste positie blijft staan. Kies een muurmodel als je het bureau volledig vrij wilt houden. Bekijk onze monitorarmen voor één of twee beeldschermen. In het assortiment vind je bureau- en muurmodellen, waaronder verstelbare uitvoeringen met gasveer voor monitors tot 32 inch. Controleer bij ieder model het maximale draaggewicht, de VESA-maten en het verstelbereik voordat je bestelt.
SATA-kabels: zo sluit je een harde schijf, SSD of dvd-drive aan
Wil je een extra harde schijf of SSD in een desktopcomputer plaatsen? Dan heb je meestal een SATA-datakabel en een passende voedingsaansluiting nodig. De SATA-kabel zorgt voor de gegevensverbinding tussen het opslagapparaat en het moederbord. De voeding wordt via een afzonderlijke kabel geleverd. SATA-kabels zijn verkrijgbaar in verschillende lengtes, snelheden en uitvoeringen. Zo kun je kiezen tussen een rechte of haakse stekker en bestaan er ook verlengkabels, Slimline SATA-kabels en verbindingen tussen SATA en eSATA. In deze blog lees je welke SATA-kabel je nodig hebt en waarop je bij het aansluiten moet letten. Wat is SATA? SATA staat voor Serial ATA. Het is een aansluiting voor het verbinden van opslagapparaten en optische stations met een computer. SATA volgde de oudere Parallel ATA-aansluiting op, die ook bekendstaat als IDE. Een interne SATA-verbinding wordt onder andere gebruikt voor: Een 3,5 inch harde schijf Een 2,5 inch SATA-SSD Een 2,5 inch harde schijf Een interne cd-, dvd- of Blu-rayspeler Bepaalde verwijderbare opslagmodules De smalle SATA-datakabel loopt vanaf het opslagapparaat naar een SATA-poort op het moederbord. De bredere SATA-voedingsstekker komt vanuit de computervoeding. Een SATA-datakabel levert geen stroom Een gewone SATA-datakabel is alleen bedoeld voor gegevensoverdracht. Een harde schijf of SSD werkt niet wanneer uitsluitend de datakabel is aangesloten. Voor een normale SATA-schijf zijn daarom twee aansluitingen nodig: Een 7-polige SATA-datakabel tussen het moederbord en de schijf Een 15-polige SATA-voedingskabel tussen de computervoeding en de schijf De twee aansluitingen zitten naast elkaar op een SATA-HDD of SATA-SSD. De voedingsstekker is duidelijk breder dan de datastekker. Beide connectoren hebben een L-vormige uitsparing, waardoor ze maar op één manier passen. Druk een stekker nooit met kracht in de aansluiting. Past hij niet gemakkelijk, controleer dan of de L-vorm correct is uitgelijnd. Welke snelheid ondersteunt een SATA-kabel? De belangrijkste SATA-generaties worden vaak aangeduid als SATA 1, SATA 2 en SATA 3. Het voornaamste verschil is de maximale overdrachtssnelheid: SATA 1,5 Gbit/s biedt maximaal 1,5 Gbit/s SATA 3 Gbit/s biedt maximaal 3 Gbit/s SATA 6 Gbit/s biedt maximaal 6 Gbit/s SATA 6 Gbit/s wordt in winkels ook wel SATA 3, SATA III, SATA 600 of SATA 6G genoemd. De verschillende benamingen kunnen verwarrend zijn, maar verwijzen doorgaans naar dezelfde maximale interfacesnelheid. De theoretische 6 Gbit/s staat niet gelijk aan 750 MB/s bruikbare bestandsoverdracht. Door de gebruikte codering en protocolinformatie ligt de maximale praktische datacapaciteit van SATA 6 Gbit/s rond 600 MB/s. Heb je voor iedere SATA-versie een andere kabel nodig? De standaard 7-polige SATA-connector is bij de verschillende generaties hetzelfde gebleven. Een goede SATA-kabel voor 6 Gbit/s is daarom achterwaarts compatibel met oudere SATA-apparatuur. Sluit je een oudere harde schijf aan op een SATA 6G-poort, dan werkt de verbinding op de hoogste snelheid die beide apparaten ondersteunen. Een SATA 3G-schijf wordt door een snellere kabel dus niet ineens een SATA 6G-schijf. Voor een moderne SATA-SSD kies je bij voorkeur een kabel die geschikt is voor 6 Gbit/s. Bij een traditionele harde schijf is het snelheidsverschil vaak minder merkbaar, omdat de mechanische schijf zelf meestal langzamer is dan de maximale SATA-interface. Rechte of haakse SATA-stekker? SATA-datakabels zijn verkrijgbaar met rechte en haakse stekkers. Een rechte stekker loopt in het verlengde van de kabel. Bij een haakse stekker verlaat de kabel de aansluiting onder een hoek van 90 graden. Een haakse SATA-stekker kan handig zijn wanneer: Er weinig ruimte achter de harde schijf is De schijf dicht bij het zijpaneel van de computer zit Je de kabel direct omhoog of omlaag wilt leiden Een rechte stekker tegen een ander onderdeel aankomt Let bij een haakse aansluiting goed op de richting van de hoek. De kabel kan vanaf de stekker naar boven of naar beneden lopen. De verkeerde uitvoering kan een naastgelegen aansluiting blokkeren of juist tegen de behuizing drukken. Een rechte stekker is vaak handiger op het moederbord, vooral wanneer meerdere SATA-poorten dicht naast elkaar zitten. Een kabel met één rechte en één haakse stekker is daarom een veelgebruikte combinatie. Wat doet het metalen vergrendelclipje? Sommige SATA-kabels hebben een klein metalen clipje op de stekker. Dit clipje vergrendelt de kabel in een geschikte SATA-aansluiting en verkleint de kans dat de verbinding losraakt tijdens onderhoud of vervoer. Druk het clipje in voordat je de kabel losmaakt. Trek niet hard aan de kabel wanneer de stekker nog vergrendeld is. Daarmee kun je de aansluiting op het moederbord of opslagapparaat beschadigen. Niet iedere SATA-poort heeft een uitsparing voor zo’n vergrendeling. De kabel kan dan meestal nog steeds worden gebruikt, maar het clipje vergrendelt mogelijk niet. Welke lengte SATA-kabel heb je nodig? Kies een kabel die lang genoeg is om vanaf de SATA-poort op het moederbord naar het opslagapparaat te lopen. Veelgebruikte lengtes zijn 30, 50 en 70 centimeter. Een erg korte kabel kan strak komen te staan en druk uitoefenen op de connectoren. Een onnodig lange kabel zorgt juist voor extra kabelbundels in de computerkast en kan de luchtstroom hinderen. Meet daarom vooraf de route in de behuizing. Houd rekening met kabelmanagement achter de moederbordplaat en met de plaats van andere componenten, zoals de videokaart en ventilatoren. Leg de kabel niet langs scherpe metalen randen en maak geen zeer scherpe knikken. Zet hem eventueel losjes vast met een kabelbinder, zonder de kabel samen te drukken. SATA-voedingskabels en verloopkabels Een moderne computervoeding heeft meestal meerdere SATA-voedingsstekkers. Ontbreekt een vrije aansluiting, dan kan in sommige situaties een geschikte splitter of verloopkabel worden gebruikt. Let daarbij op de totale belasting van de kabel en voeding. Meerdere harde schijven kunnen bij het opstarten gelijktijdig relatief veel stroom vragen. Sluit daarom niet onbeperkt apparaten aan op één dunne splitter. Oudere voedingen hebben soms vooral 4-polige Molex-stekkers. Met een passend verloop kan daar een SATA-voedingsaansluiting van worden gemaakt. Gebruik hiervoor een degelijk uitgevoerd product met stevige contacten en goed bevestigde bedrading. Een losse of slecht gemaakte voedingsverbinding kan warm worden en storingen veroorzaken. Controleer daarom of de stekkers volledig zijn geplaatst en nergens verkleuring of smeltschade zichtbaar is. Wat is Slimline SATA? Slimline SATA is een compactere aansluiting die vooral voorkomt bij dunne optische stations, zoals interne dvd-drives voor laptops en compacte computers. Bij Slimline SATA zijn de data- en voedingsaansluiting kleiner dan bij een normale SATA-schijf. Je hebt daarom een speciale Slimline SATA-kabel of adapter nodig. Een normale SATA-voedingsstekker past hier niet rechtstreeks op. Controleer bij een compact station altijd de exacte aansluiting. Er bestaan meerdere kleine SATA-varianten die aan de buitenkant op elkaar kunnen lijken. Wat is eSATA? eSATA staat voor external SATA en werd ontwikkeld voor het aansluiten van externe opslagapparaten. De eSATA-stekker heeft een andere vorm en stevigere constructie dan de interne SATA-connector. eSATA werd vooral gebruikt voordat snelle USB 3- en Thunderbolt-aansluitingen algemeen beschikbaar waren. De aansluiting komt tegenwoordig minder vaak voor, maar kan nog aanwezig zijn op oudere computers, harde-schijfbehuizingen en professionele apparatuur. Een normale interne SATA-stekker past niet rechtstreeks in een eSATA-poort. Daarvoor is een geschikte SATA-naar-eSATA-kabel of adapter nodig. Let erop dat standaard eSATA meestal geen voeding levert. Het externe apparaat heeft dan een aparte stroomvoorziening nodig. Is een M.2-SSD hetzelfde als een SATA-SSD? Niet iedere SSD gebruikt een losse SATA-kabel. Een 2,5 inch SATA-SSD wordt met een data- en voedingskabel aangesloten. Een M.2-SSD wordt rechtstreeks in een sleuf op het moederbord geplaatst. Er bestaan zowel M.2 SATA-SSD’s als M.2 NVMe-SSD’s. Een M.2 SATA-model gebruikt het SATA-protocol, maar heeft geen losse SATA-kabel nodig. Een NVMe-model communiceert via PCI Express en kan aanzienlijk hogere snelheden ondersteunen. Controleer daarom niet alleen de vorm van de SSD, maar ook welk protocol en welke M.2-sleutel het moederbord ondersteunt. Een SATA-kabel aansluiten Schakel de computer volledig uit en haal de stekker uit het stopcontact voordat je interne onderdelen aansluit. Druk eventueel kort op de aan-uitknop nadat de voeding is losgekoppeld. Sluit vervolgens de SATA-datakabel aan: Plaats één stekker in een vrije SATA-poort op het moederbord. Sluit de andere stekker aan op de harde schijf, SSD of optische drive. Sluit een SATA-voedingsstekker vanuit de computervoeding aan. Controleer of beide stekkers volledig en recht zijn geplaatst. Leid de kabels uit de buurt van ventilatoren en scherpe randen. Na het inschakelen moet het opslagapparaat worden herkend door het BIOS of besturingssysteem. Een nieuwe lege schijf moet mogelijk nog worden geïnitialiseerd, gepartitioneerd en geformatteerd voordat je hem kunt gebruiken. Welke SATA-kabel moet je kiezen? Voor een normale 2,5 of 3,5 inch SATA-schijf kies je doorgaans een 7-polige SATA-datakabel voor maximaal 6 Gbit/s. Bepaal vervolgens de benodigde lengte en kijk of een rechte of haakse stekker het beste in de computerbehuizing past. Controleer daarnaast of er een vrije SATA-voedingsstekker aanwezig is. Voor een compact optisch station kan een Slimline SATA-kabel nodig zijn, terwijl oudere externe apparatuur soms gebruikmaakt van eSATA. Bekijk onze SATA-kabels voor verschillende lengtes, snelheden en connectoruitvoeringen. In het assortiment vind je onder andere rechte en haakse SATA-datakabels, SATA-verlengkabels, Slimline SATA-kabels en SATA-naar-eSATA-verbindingen. Kies de kabel op basis van de aansluiting, beschikbare ruimte en gewenste maximale snelheid.
Antwoord van Karel Kabel: Is tulp hetzelfde als RCA?
Ja, met een tulpstekker en een RCA-stekker wordt hetzelfde type aansluiting bedoeld. In Nederland wordt vaak gesproken over tulp, terwijl RCA de internationale benaming is. De stekker heeft een ronde metalen buitenkant met in het midden één contactpin. De vorm doet enigszins denken aan een tulp, vandaar de Nederlandse naam. Waarvoor worden tulp- of RCA-kabels gebruikt? RCA-kabels worden vooral gebruikt voor analoge audio en video. Bij stereo-audio zie je meestal twee stekkers: Rood voor het rechter audiokanaal Wit of zwart voor het linker audiokanaal Voor composietvideo wordt vaak een gele RCA-stekker gebruikt. Bij oudere apparatuur kun je ook drie RCA-stekkers voor componentvideo tegenkomen. Is iedere RCA-kabel hetzelfde? De stekker kan hetzelfde zijn, maar de toepassing hoeft dat niet te zijn. Een audiokabel en een videokabel kunnen bijvoorbeeld een andere afscherming of impedantie hebben. Voor digitale coaxiale audio wordt meestal een RCA-kabel met een impedantie van 75 ohm gebruikt. Kijk daarom niet alleen naar de kleur of vorm van de stekker, maar ook naar de toepassing waarvoor de kabel is bedoeld. Bekijk onze tulp- en RCA-kabels voor het aansluiten van audio- en videoapparatuur.
Zo kies je de juiste LED-schijnwerper voor tuin, oprit of erf
Een LED-schijnwerper is een praktische oplossing wanneer je een groot oppervlak goed wilt verlichten. Denk aan een donkere oprit, de gevel van een woning, een erf, schuur, garage, parkeerplaats of werkplek. Door de brede en krachtige lichtbundel geeft een schijnwerper veel meer overzicht dan een kleine wandlamp. LED-schijnwerpers zijn verkrijgbaar in verschillende vermogens, kleuren en uitvoeringen. Daarnaast kun je kiezen tussen een lamp die je zelf schakelt en een model met bewegingssensor. In deze blog lees je waarop je let bij het kiezen en monteren van een LED-schijnwerper. Waarvoor gebruik je een LED-schijnwerper? Een LED-schijnwerper is vooral bedoeld voor plaatsen waar je een relatief groot gebied wilt verlichten. De lamp verspreidt het licht over een brede hoek en kan daardoor een tuin, gevel of werkterrein vanaf één montagepunt verlichten. Veelgebruikte toepassingen zijn: Het verlichten van een oprit of parkeerplaats Extra licht bij een achterdeur, garage of schuur Verlichting van een erf of bedrijfsterrein Werklicht bij een werkplaats of opslagruimte Het zichtbaar maken van een tuinpad of toegangspoort Gevelverlichting rondom een woning of bedrijfspand Een schijnwerper kan zowel praktisch licht als extra zicht rondom een gebouw bieden. Donkere hoeken en doorgangen worden beter zichtbaar, waardoor je makkelijker ziet wie of wat zich rondom het pand bevindt. Hoeveel watt heb je nodig? Bij LED-verlichting zegt het wattage vooral iets over het energieverbruik. Een schijnwerper met een hoger vermogen geeft doorgaans meer licht, maar de uiteindelijke lichtopbrengst hangt ook af van de gebruikte leds, behuizing en lichtverdeling. Voor een kleine doorgang, deur of korte oprit kan een LED-schijnwerper van 10 watt al voldoende zijn. Voor een grotere tuin, brede oprit of garage wordt vaak 20 of 30 watt gekozen. Voor een groot erf, bedrijfsterrein of ruime werkplek kun je een uitvoering van 50 of 100 watt nodig hebben. Als globale richtlijn kun je denken aan: 10 watt voor een deur, klein pad of beperkte buitenruimte 20 watt voor een terras, kleine tuin of normale oprit 30 watt voor een grotere oprit, gevel of garageomgeving 50 watt voor een ruim erf, parkeerplek of werkgebied 100 watt voor grote terreinen en plaatsen waar veel licht nodig is Meer vermogen is niet altijd beter. Een te krachtige lamp kan verblinden, bij buren naar binnen schijnen of onnodig veel licht in de omgeving verspreiden. Kies daarom een vermogen dat past bij het oppervlak en de montagehoogte. Kijk ook naar de lichtopbrengst in lumen Wil je verschillende schijnwerpers goed vergelijken, kijk dan naast het wattage ook naar het aantal lumen. Lumen geeft aan hoeveel zichtbaar licht een lamp produceert. Twee schijnwerpers met hetzelfde wattage kunnen een verschillende lichtopbrengst hebben. Een energiezuiniger model kan met hetzelfde verbruik meer lumen leveren. Het aantal lumen is daarom een betere maatstaf wanneer je wilt weten hoeveel licht je werkelijk krijgt. Houd er rekening mee dat een hoger aantal lumen niet automatisch betekent dat het hele terrein beter wordt verlicht. Ook de lichthoek, montagehoogte en richting van de lamp zijn van invloed. Wat betekent een lichtkleur van 4000K? De lichtkleur van een LED-lamp wordt aangegeven in kelvin. Veel LED-schijnwerpers hebben een kleurtemperatuur van 4000K. Dit wordt vaak neutraal wit of daglichtwit genoemd. Een lichtkleur van 4000K geeft helder, redelijk natuurlijk licht. Het is minder geel dan warm wit licht van bijvoorbeeld 2700K of 3000K, maar minder blauw en koel dan 6000K of 6500K. Neutraal wit licht is geschikt voor plaatsen waar goed zicht belangrijk is, zoals: Opritten en parkeerplaatsen Garages en werkplaatsen Erven en opslagterreinen Deuren en toegangspoorten Werkzaamheden rondom huis Wil je vooral gezellige verlichting op een terras, dan kan een warmere lichtkleur prettiger zijn. Voor praktisch zicht en veiligheid is 4000K meestal een goede allround keuze. LED-schijnwerper met of zonder sensor? Een belangrijke keuze is die tussen een gewone LED-schijnwerper en een uitvoering met bewegingssensor. Een schijnwerper zonder sensor wordt bediend met een schakelaar, tijdschakelaar of een ander extern regelsysteem. Een model met sensor schakelt automatisch in zodra beweging binnen het detectiegebied wordt waargenomen. Dat is handig bij een oprit, achterdeur, schuur of toegangspoort. Je hoeft het licht niet zelf in te schakelen en de lamp blijft niet onnodig de hele nacht branden. Bij veel sensormodellen kun je instellingen aanpassen, zoals: De tijd dat de lamp blijft branden De gevoeligheid of het detectiebereik De hoeveelheid omgevingslicht waarbij de sensor actief wordt Een sensor is minder praktisch wanneer de lamp langere tijd continu moet branden, bijvoorbeeld tijdens werkzaamheden. Controleer daarom of het sensormodel ook handmatig of permanent ingeschakeld kan worden wanneer je die mogelijkheid nodig hebt. Voorkom dat de sensor onnodig reageert De plaatsing van een bewegingssensor bepaalt voor een groot deel hoe goed hij werkt. Richt de sensor niet rechtstreeks op een drukke weg, bewegende takken of een plek waar voortdurend mensen langslopen. Ook huisdieren, regen, warmtebronnen en verkeer kunnen afhankelijk van het type sensor een ongewenste activering veroorzaken. Stel het detectiebereik daarom niet groter in dan nodig. Monteer de lamp bij voorkeur zo dat iemand door het detectiegebied heen loopt in plaats van rechtstreeks op de sensor af. Veel bewegingssensoren reageren beter op zijwaartse beweging. Let op de IP-bescherming voor buiten Een LED-schijnwerper die buiten wordt gemonteerd, moet geschikt zijn voor buitengebruik. Kijk daarom naar de IP-classificatie van de lamp. Deze classificatie geeft aan hoe goed de behuizing beschermd is tegen stof, vuil en water. Een lamp onder een volledig droge overkapping krijgt met andere omstandigheden te maken dan een schijnwerper die onbeschut aan een gevel hangt. Kies daarom een beschermingsgraad die past bij de montageplek. Let niet alleen op de lamp zelf. Ook de elektrische aansluiting, kabeldoorvoer en eventuele lasdoos moeten geschikt zijn voor buitengebruik. Een waterbestendige lamp is niet veilig aangesloten wanneer de kabelverbinding onbeschermd in de regen hangt. Waar monteer je een LED-schijnwerper? Kies een plek waar de lamp het gewenste oppervlak kan bereiken zonder obstakels. Een schijnwerper wordt vaak aan een gevel, muur, paal of schuur gemonteerd. Een hogere montagepositie zorgt doorgaans voor een groter verlicht oppervlak. Het licht wordt dan wel verder verspreid, waardoor het op de grond minder geconcentreerd kan zijn. Bij een lage montage kan de lamp juist sneller in de ogen schijnen. Richt de schijnwerper bij voorkeur iets naar beneden. Zo gebruik je het licht waar het nodig is en beperk je onnodige verlichting van de lucht, omliggende woningen en aangrenzende percelen. Controleer vóór definitieve montage: Welk oppervlak je wilt verlichten Of de lamp niemand rechtstreeks verblindt Of deuren en voertuigen de lichtbundel niet blokkeren Of de sensor vrij zicht heeft Of de elektrische aansluiting veilig bereikbaar is Voorkom overlast voor buren en verkeer Een krachtige schijnwerper kan ook buiten je eigen terrein zichtbaar zijn. Richt hem daarom niet op ramen van buren, de openbare weg of rechtstreeks op tegemoetkomend verkeer. Gebruik liever een goed afgestelde lamp met passend vermogen dan een extreem krachtige schijnwerper die een groot deel van de omgeving verlicht. Door de lamp nauwkeurig te richten, krijg je vaak met minder vermogen al voldoende zicht. Een bewegingssensor helpt daarnaast om de verlichting alleen te gebruiken wanneer dat nodig is. Stel de brandduur niet langer in dan praktisch noodzakelijk. LED in plaats van een halogeenschijnwerper Oudere schijnwerpers gebruiken vaak een krachtige halogeenlamp. Deze lampen verbruiken relatief veel energie en produceren veel warmte. Een LED-schijnwerper kan met een lager stroomverbruik een hoge lichtopbrengst leveren. LED-verlichting heeft daarnaast als voordeel dat de lamp direct op volle sterkte brandt. Dat is vooral prettig bij gebruik met een bewegingssensor. Zodra beweging wordt gedetecteerd, is het terrein direct verlicht. Hoewel een LED-schijnwerper minder warmte produceert dan een vergelijkbare halogeenlamp, kan de behuizing tijdens gebruik nog steeds warm worden. Bedek de lamp daarom niet en zorg dat warmte goed kan worden afgevoerd. Laat een vaste aansluiting veilig uitvoeren Veel LED-schijnwerpers worden rechtstreeks op een vaste 230V-aansluiting gemonteerd. Schakel voor werkzaamheden altijd de betreffende stroomgroep uit en controleer of de bedrading spanningsloos is. Gebruik geschikte buitenkabels, wartels en lasdozen. Voorkom open verbindingen en zorg voor een goede trekontlasting. Houd rekening met de beschermingsaarde wanneer de lamp deze nodig heeft. Heb je onvoldoende ervaring met vaste elektrische installaties, laat de schijnwerper dan aansluiten door iemand met de juiste kennis. Een goede buitenlamp is alleen veilig wanneer ook de complete installatie correct is uitgevoerd. Welke LED-schijnwerper past bij jouw situatie? Begin bij de plaats die je wilt verlichten. Voor een kleine deur of doorgang kan 10 watt voldoende zijn. Voor een oprit of garage kun je eerder aan 20 of 30 watt denken. Voor een groot erf of bedrijfsterrein zijn uitvoeringen van 50 of 100 watt geschikter. Kies een model met bewegingssensor wanneer de lamp automatisch moet inschakelen bij aankomst of beweging. Een uitvoering zonder sensor is handiger wanneer je de verlichting zelf wilt schakelen of langere tijd continu nodig hebt. Bekijk onze LED-schijnwerpers in verschillende vermogens en uitvoeringen. In het assortiment vind je modellen van 10 tot 100 watt, met en zonder bewegingssensor en in een witte of zwarte behuizing. Door vooraf te letten op het verlichtingsoppervlak, de lichtkleur, montageplek en sensor kies je eenvoudig een passende lamp voor tuin, oprit, gevel, erf of werkplaats.
Goedekabels.nl - Dé online kabelshop voor alle kabels & accessoires
Je kunt tegenwoordig overal kabels kopen, in een winkel en natuurlijk online. Wij onderscheiden ons op de belangrijkste punten: Kwaliteit, Prijs en Levertijd. We hebben geen 100.000 artikelen, maar je vindt bij ons wel snel wat jij nodig hebt: gewoon een goede kabel voor een goede prijs. We leveren onze producten vanuit ons eigen magazijn en als je ze voor 16:30 besteld worden je kabels meestal de volgende dag al geleverd.
We zijn zo transparant mogelijk. Je kunt eenvoudig alle specificaties met elkaar vergelijken en kiest de kabel die je nodig hebt. En omdat we goede afspraken met onze leveranciers hebben koop je bij ons ook nog eens voor de scherpste prijs.
Natuurlijk vind je in ons assortiment niet alleen kabels, maar ook andere artikelen, bijvoorbeeld ophangbeugels voor TV's of USB sticks. Ook hierbij hanteren we hetzelfde principe: eenvoudig te vinden, te vergelijken en snel in huis. En twijfel je nog? Weet dan dat je bij ons gewoon 14 dagen bedenktijd hebt.

